Nederlands Dahomey Dwergrund Stamboek

De buldog faktor bij het Dahomey dwergrund.
 buldogkalf
De buldog faktor(Chondrodisplasie) is een vorm van dwerggroei,bepaald door een erfelijke afwijking.
Deze naam is te danken aan de uiterlijke verschijningsvorm kenmerkend voor deze kalveren,waarbij een kort bol lijfje met korte pootjes en een vergroot voorhoofd met een platte tegen het hoofd aangedrukte snuit,aan een engelse buldog doen denken.vaak heeft het  ook een open rug of buik.
Deze dieren zijn niet levensvatbaar en worden in de regel tussen de 5 en 7 maanden geaborteerd. soms dragen ze de tijd uit en moeten dan in de regel met de keizersnee verlost worden daar de kop met lijf te groot zijn om het geboortekanaal te passeren.
Koeien die drachtig zijn van een buldog kalf,zijn vaak uitzonderlijk dik tijdens de zwangerschap en maken eerder een gezwollen indruk dan wat men bij een normale dracht ziet.
Deze afwijking komt bij veel diersoorten voor. Voorbeelden hiervan zijn het japanse krielkipje of chabo de serama,maar ook bij honden(teckel oa), konijnen( pooltje,kleurdwerg)en onder de koeien zijn een aantal rassen,zoals oa yersy ,holstein,herford en de meest bekende waarbij het zelfs het belangrijkste raskenmerk is ,het dexterrund,ook het friesepaardenstamboek kampt al jaren met dit probleem.
Bij de mens is dit verschijnsel bekend onder de naam lilliputisme.
Deze afwijking  kan alleen ontstaan als zowel moeder als  vader drager van deze afwijking zijn,er is dan een kans van 25% op een buldog kalf en 50% kans op een drager 25% vrij.
Een drager is een uiterlijk gezond dier maar draagt echter wel de buldogfaktor in zijn genenpaket met zich mee.
Is slechts een van de ouders drager,dan is de kans buldog kalf  0 , dus volkomen normaal 50% en drager 50%.
Dragers herkent men in de regel aan een beknopt lijf ,korte benen met grove gewrichten en een gedrongen kop met vaak een gewelfd voorhoofd en zijn vaak compacter van lichaamsbouw dan hun niet belaste soortgenoten zij zijn verder gezond,dit betekent echter niet dat alle dieren die er zo uit zien per defenitie buldogfaktordrager zijn.
Er zijn verschillende mogelijkheden hoe de buldog faktor in het Dahomey ras is ontstaan,A door incidenteel gebruik te maken van een dexter stier.daar voor leken het verschil tussen dexterrunderen en dahomey niet bekend  is.
Een andere mogelijkheid is inteelddegeneratie ,door ver doorgevoerde inteeld ontstaat verlies van erfelijke eigenschappen ,bij de buldog faktor ontbreken dus de groeischijven aan de uiteinde van de beenderen, waardoor deze zich niet normaal ontwikkelen,maar ook door mutaties kunnen binnen een ras spontaan veranderingen ontstaan zoals bv.bont getekende dieren,wit is nl verlies van pigment ,evenals zwart dat ontstaat door verlies van de bruintinten.
Het moge duidelijk zijn dat de geboorte van een buldogkalf geen prettige ervaring is.zowel voor de koe als voor de eigenaar,
Gelukkig komen buldogkalveren niet vaak voor en het is ,met de kennis van nu, heel eenvoudig om deze ellende te voorkomen door alleen te fokken met een ouderpaar waarvan minstens een van beide vrij is van de buldogfaktor .
Nu is sinds enige jaren bekend welk chromosomenpaar verantwoordelijk is voor deze faktor en is de buldogtest ontwikkel.
Hierdoor is het mogelijk om bij vHaeringen laboratoria aan de hand van bloed of haarmonsters,te bepalen of een dier wel of geen drager is .
Hiervoor zijn bij  Dr. Van Haeringen Laboratorium .agrobusiness park 100.  6708 PW te WageningenCRV haarmonsterzakjes verkrijgbaar.
.Door een plukje haren met wortel ,bv bij de schoft of de staartwortel uit te trekkenen en op te sturen naar CRV  BV. Wassenaarweg 20  postbus 454  6800 AL.in Arnhem  ,zorgt Crv dan voor  verdere afwikkeling van dit onderzoek.
Het bestuur adviseert dan ook dringend ,in iedergeval stieren die voor de fok gebruikt worden ,deze test te laten ondergaan zodat het aantal buldog kalveren tot een mimimum beperkt blijft en in de toekomst mogelijk uitgesloten wordt.
Het bestuur verzoekt derhalve iedere geboorte afwijking ( ook bij negatief geteste dieren )  te melden zodat we een beeld kunnen krijgen van het verloop van de fokkerij en daar waar nodig  bij kunnen sturen en eventueel van advies kunnen dienen ook bij het bepalen van de stierkeuze.
 
hendrik-jan.